Robyn de uitvinder

Gastblog van Ferdy Strikker, ecologisch pedagoog, die een verhaal vertelt over een bijzondere leerling in zijn klas. Een verhaal dat hij zich altijd zal blijven herinneren.

Kijk eerst maar even rond Op maandagochtend in augustus was de eerste dag van Robyn in mijn groep zeven van een speciale school voor basisonderwijs in het zuiden van Nederland. Op deze school werkten we volgens sociaal-constructivistische uitgangspunten in ateliers. Onze groep had het technieklokaal als thuishonk en daar druppelden de eerste leerlingen die ochtend binnen. Iedere leerling zette een stoel in de kring en nam plaats. Stil en schuchter schoof ook Robyn aan in de kring. Kinderen bespraken hun vakantie met elkaar en enkelen hielpen de nieuwe leerling om een plekje in de kring te vinden. Robyn durfde nauwelijks contact te maken. We begonnen met de dag en ik besprak de komst van het nieuwe groepslid en hoe wij als groep hem een fijn welkom zouden bieden. Nadat alle kinderen zich hadden voorgesteld was Robyn zelf aan de beurt. Veel meer dan zijn naam en woonplaats kwam er niet over zijn lippen. Het liefst leek hij weg te willen lopen uit deze situatie waarin alles nieuw en bedreigend overkwam. Als zijn nieuwe leraar vroeg ik hem of hij eerst rustig wilde bekijken hoe het in onze klas gaat. Hij knikte bevestigend. Ook vroeg ik welke leerling hem wegwijs mocht maken. Terwijl hij aarzelend rondkeek, bleken veel kinderen bereid om hem te begeleiden op zijn nieuwe school. Robyn koos Cas.

Robyn wilde niet Toen het pauze werd en alle kinderen naar buiten gingen, stond Cas met zijn hand op Robyn’s schouder. Ik vroeg wat aan de hand was en Cas antwoordde dat Robyn niet naar buiten wilde. Hierop begon Robyn te huilen. Ik bedankte Cas voor zijn goede zorgen en vroeg hem naar buiten te gaan. Ik haalde twee glazen thee waarna Robyn en ik ieder plaats namen op een kruk in de soldeerhoek. Zwijgend zaten we naast elkaar. Na enige tijd vroeg ik hem waarom hij naar het SBO was gegaan. Ik vertelde hem dat ik nog niets uit zijn dossier had gelezen. Hij mocht zijn verhaal zelf vertellen. Het bleek dat Robyn slecht was in alle vakken op school. Hij haalde vooral slechte resultaten voor spelling en lezen maar ook reken- en taalopbrengsten waren allerminst positief. Robyn zei regelmatig woede-uitbarstingen te hebben, met meubilair te gooien en dat hij op zijn vorige school buiten de klas de conciërge mocht helpen met klusjes. Deze situatie bleek twee-en-een-halfjaar geduurd te hebben.

Vertrouwen opbouwen Robyn zag er bang uit terwijl hij zijn verhaal deed. Ik vroeg mij als leraar af of ik hem opnieuw vertrouwen kon laten opbouwen in mij en kinderen in de klas. Ook maakte ik me zorgen over de veiligheid van mijn groep als Robyn ook in mijn klas met meubels zou gaan gooien. Ik besloot hem te vragen naar zijn kwaliteiten. Tijdens het vertellen klaarde zijn gezicht op en vol enthousiasme verhaalde hij over de tractor-pull wedstrijden waaraan zijn oudere broer deelnam. Hij hield van de kracht en het motorgeronk, samen sleutelen en nadenken over technische oplossingen. Hij zei dat hij goed was met techniek. Hij bouwde bijvoorbeeld aan een vreemd apparaat met zijn oom; een Van de Graaf-generator. Hij beloofde de generator mee naar school te nemen zodra die af zou zijn.

Techniek! Ik voelde mee met zijn enthousiasme. In ons techniekatelier zou hij naar hartenlust kunnen experimenteren en de andere kinderen in de klas zouden van hem leren. Ik sprak uit dat we op onze school veel met techniek bezig konden zijn. Tegelijkertijd stonden taal, rekenen, lezen en spelling ook op het programma. Zolang hij zich op alle vlakken zou inzetten was er veel ruimte voor Robyn om zijn technische talenten in de school te ontwikkelen.

Meer techniek! In de dagen daarna nam hij deel aan alle activiteiten in de groep. Hij werkte in een constant tempo aan zijn reken- en taalwerk. Hij las een boek samen met Cas en Willem. Voor spelling brachten we samen in kaart welke categorieën hij beheerste en daarna werkte hij hard aan de spellingonderdelen die overbleven. Bij techniek soldeerde hij heel secuur een kubus van ijzerdraad en daarna beeldhouwde hij een totempaal. Na drie weken verzorgde hij zelf een les met de Van de Graaf-generator. Alle kinderen wilden op het plastic kratje staan en de bol vasthouden. Bij alle kinderen stonden de haren omhoog door de statische elektriciteit. Er was veel hilariteit over de schok die kinderen elkaar gaven als ze elkaar de hand schudden. Robyn inspireerde zijn klasgenoten met al zijn experimenten en maakte de techniekles tot een belevenis.

Op een dag Op een dag had een vader een aantal afgedankte computers gebracht om te demonteren. Robyn zag meteen mogelijkheden en haalde uit iedere pc de ventilator. Met zorg zaagde hij een vierkant triplex plaatje uit van 30 x 30 cm. Daarin boorde hij met een gatenzaag vier grote gaten. Na het schuren schroefde hij op de bovenkant van het plaatje over ieder gat een ventilator. In de volgende les nam hij een negen Volt batterij mee en sloot die aan op de ventilatoren. Aan de onderkant bevestigde hij een dun zwart plastic zeiltje waarvan de randen werden vastgeplakt aan de randen van het plaatje.

Hij had een mini-hoovercraft gemaakt die op de tafel heen-en-weer zweefde en door duwtjes van leerlingen telkens van richting veranderde. Tijdens de nabespreking van de les noemde een van de leerlingen Robyn een ‘echte nerd’. Hij bedoelde dit ook als een oprecht compliment.

Halve deur Op een woensdag kwam ik na twee verlofdagen op school. Mijn technieklokaal was opgeruimd en netjes achtergelaten door mijn vervanger. In de hoek van het lokaal stond een multiplex plaat ter grootte van een halve deur. In het midden was een gat met een diameter van tien centimeter geboord en de plaat was beplakt met een stevig stuk landbouwzeil. Toen de kinderen de klas in kwamen liep Robyn voorop met in zijn handen een bladblazer. Cas kwam er achteraan met een oranje verlengsnoer dat hij van de conciërge had gekregen. Met de plank en de bladblazer togen we naar de centrale hal waar ruimte en vloer geschikt waren voor Robyn’s nieuwste experiment. Met zijn vriendjes legde hij de plank op de vloer met het zeil naar onderen. In het gat plaatste hij de mond van de bladblazer. De stekker ging in het stopcontact en Robyn zette het apparaat aan. Al snel vulde het plastic onder de plaat zich met lucht en hij maakte zelf zijn eerste testvaart met zijn eigen hoovercraft. De aanwezige kinderen juichten hem toe en vanuit kantoortjes en klaslokalen kwamen mensen kijken. De hoovercraft werd maximaal getest en kon op zijn best vier kinderen tegelijk vervoeren. Het was een genot om al na twee maanden te zien hoe Robyn zijn plek in de school had gevonden.

Pedagogische relatie De beschreven events vonden veertien jaar geleden plaats in een periode waarin de school binnen een pilot werkte volgens sociaal-constructivistische visie. Het bood mij als leraar en Robyn als leerling de ruimte om een pedagogische relatie te doen ontstaan. Er was rust om elkaar te ontmoeten en het vertrouwen dat de leerling tot ontwikkeling zou komen. Het verhaal is voor mij na veertien jaar nog altijd bijzonder. Het toont de kracht en mogelijkheden van mijzelf als leraar.  In het verhaal zie ik de verbondenheid die een pedagogische relatie in zich draagt. Het laat zien hoe we in onderwijs in staat zijn om een kind ‘heel te houden’, sterker nog; om een kind te helen. Ik gun alle leraren en alle kinderen die pedagogische relatie en brede ontwikkeling omdat het heerlijk is om je unieke zelf ook in het onderwijs te leren kennen!

Ferdy Strikker